Met kennis van de opbouw van kostendrijvers kan je als inkoper kosten verminderen. Het klinkt logisch, maar in de praktijk wordt er te weinig gekeken wat de kosten van een product of dienst zijn en of er mogelijkheden liggen om te besparen. Hoe kan je als bedrijf hetzelfde resultaat behalen met minder budget? Kennis van je kostendrijvers en benchmarking helpen je op weg.

Read more Kostenreductie met kennis van kostendrijvers

Met deze analyse worden de producten in een drietal categorieën opgedeeld in aflopende volgorde op basis van de omzet die ze genereren (doorgaans over het afgelopen jaar). De producten in de eerste categorie (A) maken te samen ongeveer 80% van de omzet. Vaak zijn dit maar 20% van het totale product portfolio. In de volgende categorie (B) maakt ongeveer 30% van de producten 15% van de omzet. In categorie C vallen de overige producten. Dit is vaak 50% van de producten die 5% van de omzet genereren. Deze standaard verdeling is als doorsnede in de praktijk op vrijwel alle inkooppakketen en/of organisaties toepasbaar.

In 2013 is ISO (International Organization for Standardization), samen met 33 landen verspreid over de hele wereld, gestart met de ontwikkeling van de nieuwe ISO 18617 voor Duurzaam Inkopen. Deze norm, waarvan de naam inmiddels gewijzigd is naar ISO 20400, bevat richtlijnen voor het toepassen van milieuaspecten en maatschappelijke thema’s bij het inkoopproces. Waarom wordt de norm eigenlijk ontwikkeld en wat kan hij betekenen voor uw organisatie?

Waarom juist een norm voor inkopen?

Veel bedrijven zijn tegenwoordig door uitbesteding in toenemende mate op leveranciers aangewezen. In handelsbedrijven en in de industrie is het niet ongewoon dat 70 tot 80 procent van de totale kosten inkoopgebonden zijn. De inkoopfunctie is dan ook één van de belangrijkste drivers voor de implementatie van duurzaamheid in bedrijven.

Er zijn echter nog veel hindernissen voor de ontwikkeling van duurzaam inkopen, zowel op het vlak van organisatie als strategie. Daarom is het belangrijk om gebruik te kunnen maken van een goed gedefinieerd raamwerk van gemeenschappelijke richtlijnen. De richtlijnen, omschreven in de ISO 20400, moeten uitkomst bieden.

Nieuwe uitdagingen voor organisaties

De richtlijnen sluiten aan bij de uitdagingen waarmee organisaties de komende jaren te maken krijgen bij implementatie van duurzaamheidsprincipes, zowel op milieutechnisch als op sociaal vlak. De richtlijnen zijn tot stand gekomen op basis van ISO 26000 – de internationale norm voor MVO (Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen).

De toepassing van de ISO-norm kan een belangrijk concurrentievoordeel betekenen als je zaken doet met bedrijven die veel belang hechten aan duurzaamheid en MVO. Het geeft je ook de mogelijkheid om uniforme uitgangspunten voor inkoopprocessen te hanteren met (toe)leveranciers. Zo wordt de afstemming efficiënter, doeltreffender en winstgevender.

De norm geeft een aantal handvaten voor duurzaam inkopen op verschillende niveaus binnen een organisatie. Bijvoorbeeld:

  • Clausule 4: Het bepalen van het duurzaamheidsbeleid
    Deze clausule is primair gericht op het topmanagement en moet bijdragen aan het organisatiebreed opstellen van duurzaamheidbeleid omtrent maatschappelijk verantwoord inkopen. Organisaties moeten zich afvragen welke aspecten van duurzaam inkopen passend zouden zijn en op welke manier deze aspecten bedrijfsbreed geïntegreerd kunnen worden in de strategie en het inkoopbeleid.

  • Clausule 5: Het implementeren van het duurzaamheidsbeleid binnen de inkoopafdeling.
    Deze clausule is primair gericht op het inkoopmanagement en beschrijft de voorwaarden en de managementtechnieken die gehanteerd moeten worden om duurzaam inkopen succesvol te implementeren binnen de inkoopafdeling.

  • Clausule 6: Het integreren van maatschappelijk verantwoord inkopen binnen de inkoopprocessen.
    Deze clausule richt zich primair op het inkoopproces en is bedoeld voor de medewerkers die verantwoordelijk zijn voor de feitelijke inkoop binnen hun organisatie. Het duurzaamheidbeleid moet worden geïntegreerd binnen de bestaande inkoopprocessen.

Volgens de planning (gepubliceerd in de draft ISO 20400) worden de richtlijnen begin 2017 gepubliceerd.

Bronnen: