Identiteitscrisis

Mijn zwager heeft twee honden en twee katten. De katten heten Reus en Soda. Hun moeder heette Wipp-Express – maar dat is een ander verhaal. Eén van de honden, Bina, denkt dat ze een poes is. Ze heeft een innige relatie met Reus. Bina ligt graag bovenop de eettafel, in het midden. Het liefst zou ze ook op het kookeiland in de keuken kruipen, want daar staat het katten- en hondenvoer. Helaas is het eiland te hoog voor haar. De twee maatjes hebben daar iets op gevonden: Reus springt op het eiland, duwt het voer (handig dat het niet uitmaakt welk voer) naar beneden, en Bina schrokt het naar binnen.

Mijn zwager heeft twee honden en twee katten. De katten heten Reus en Soda. Hun moeder heette Wipp-Express – maar dat is een ander verhaal. Eén van de honden, Bina, denkt dat ze een poes is. Ze heeft een innige relatie met Reus. Bina ligt graag bovenop de eettafel, in het midden. Het liefst zou ze ook op het kookeiland in de keuken kruipen, want daar staat het katten- en hondenvoer. Helaas is het eiland te hoog voor haar. De twee maatjes hebben daar iets op gevonden: Reus springt op het eiland, duwt het voer (handig dat het niet uitmaakt welk voer) naar beneden, en Bina schrokt het naar binnen.

Als inkoper voel ik me soms ook een ander dan wie ik eigenlijk ben. En hoewel er bij Bina geen sprake is van een crisis – Bina kijkt naar de mooie dingen van het leven, zonder schaamte of gewetensbezwaren – bij mij werkt dat anders. Als inkoper wil je door een goede dialoog met de materie-deskundige de behoefte zodanig specificeren, dat deze de eisen en wensen van de organisatie goed weergeeft, én optimale concurrentiestelling mogelijk maakt. Zodat je door deze concurrentiestelling het beste uit de markt haalt.

In de praktijk van het Europees aanbesteden gaat rechtmatigheid echter doorgaans boven doelmatigheid. Soms is de focus op rechtmatigheid zelfs dermate groot, dat men de doelmatigheid volledig uit het oog verliest. Vanuit de angst voor reputatieschade – lees: in een rechtszaak belanden – worden aanbestedingen zodanig dichtgetimmerd, dat een goede offerte schrijver grote kans maakt op gunning van de opdracht. Met de dienstverlening in kwestie heeft het dan niets meer te maken. Laat staan dat er enige zekerheid bestaat dat de aanbestedende dienst krijgt wat ze nodig heeft, tegen optimale condities. En dit zijn juist de zaken waaraan een inkoper zijn/haar identiteit ontleent…

Als inkoper blijf ik mij er sterk voor maken, dat óók doelmatigheid de aandacht krijgt die zij verdient. Decennia geleden waren concurrentiestelling en verlaging van kosten in de publieke sector immers de reden om het Europees aanbesteden in te voeren. Voor mij staat nog steeds als een paal boven water dat dit het bestaansrecht van het Europees aanbesteden is.

De juiste aandacht voor doelmatigheid bereik je door als inkoper een grote mate van expertise op het gebied van regelgeving en jurisprudentie, en de toepassing hiervan in specifieke situaties, in te brengen. Hiermee worden de eventuele rechtmatigheidsrisico’s van verschillende scenario’s inzichtelijk. Daarnaast is een goede kennis van het product of de dienst in kwestie, en de bijbehorende inkoopmarkt, van groot belang.

Terwijl ik druk bezig ben om uit de identiteitscrisis van doelmatig versus rechtmatig te blijven, maakt Bina goede vorderingen in de vervolmaking van haar ‘poes-zijn’. Laatst is ze aangetroffen met een wel heel bijzondere prooi in haar bek. Het staartje hing naar buiten.