MVO – waar staan we nu

Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) is al enige tijd hot. Het lijkt wel het nieuwe modewoord te zijn. Het lijkt dan ook enigszins te lijden onder het ‘modewoordsyndroom noem’: het is, of lijkt op z’n minst, een leeg begrip. Overheden vragen erom (of zouden erom moeten vragen), waardoor organisaties op één of andere manier iets aan MVO gaan doen.

Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) is al enige tijd hot. Het lijkt wel het nieuwe modewoord te zijn. Het lijkt dan ook enigszins te lijden onder het ‘modewoordsyndroom noem’: het is, of lijkt op z’n minst, een leeg begrip. Overheden vragen erom (of zouden erom moeten vragen), waardoor organisaties op één of andere manier iets aan MVO gaan doen.

De vier leerstadia van Maslow

Een bekend leermodel dat op dit gedrag is toe te passen zijn de vier leerstadia van Maslow. Dit model beschrijft vier stadia die doorlopen worden bij het leren van nieuwe vaardigheden:
Fase 1: Onbewust onbekwaam
Fase 2: Bewust onbekwaam
Fase 3: Bewust bekwaam
Fase 4: Onbewust bekwaam

Greenwashing

Na wellicht jaren in fase 1 (onbewust onbekwaam) te hebben gezeten, waar organisaties zich focusten op profit zonder zich zorgen te maken over milieu of mensen (de andere twee p’s van het bekende trio: people, planet en profit), komt men door de vraag van overheid en/of consument in fase 2: bewust onbekwaam.

Binnen fase 2 zijn er twee mogelijke koersen die organisaties kunnen varen. Bij de eerste optie gaat men met minimale inspanningen voor het label “MVO”. Een mooie term die hiervoor gebruikt wordt is “greenwashing”. Met minimale inspanning die vervolgens groot wordt opgeblazen wordt een groen imago aangemeten. Deze inspanning is veelal gericht op het vermijden van schandalen rond dit onderwerp en het voorspiegelen van “groen gedrag” terwijl er feitelijk in de organisatie niets is veranderd. Vertalen we dit naar het Emeritor Duurzaam Inkopen (DI) inkoopvolwassenheidsmodel dan blijven deze organisaties op een laag volwassenheidsniveau hangen.

Van bewust onbekwaam naar bewust bekwaam

De andere optie is het zeer serieus oppakken van Maatschappelijke Verantwoording. Veel organisaties die serieus met Maatschappelijke Verantwoording om willen gaan hebben vervolgens veel werk om te bepalen hoe zij dit gaan aanpakken. Een belangrijke valkuil in deze fase is het niet opstellen van concrete doelstellingen. Hierdoor lijken de inspanningen van het bedrijf veel op losse flodders en leiden tot weinig resultaat. Het leermodel van Maslow geeft al aan dat de transitie van fase 2 (bewust onbekwaam) naar fase 3 (bewust bekwaam) de moeilijkste stap in het leerproces is. De organisaties die deze stap zetten streven in het Emeritor DI inkoopvolwassenheidsmodel naar een hoger volwassenheidsniveau.

Verantwoording afleggen over de onderneming

Een belangrijke vraag waar deze organisaties mee worstelen is wat Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen eigenlijk inhoudt. Een nadeel van een algemeen begrip is dat het een containerbegrip wordt. Terug redenerend naar de kern van het begrip houdt het in dat er verantwoording wordt afgelegd over de onderneming. De onderneming heeft impact op de maatschappij en in welke mate dit gebeurt wordt op brede schaal gerapporteerd. Belangrijk is om te bepalen waarover gerapporteerd wordt.

Global Reporting Initiative

GRI in een notendop

GRI is de wereldwijd geaccepteerde standaard als het gaat om rapporteren op MVO-gebied. De achterliggende gedachte is dat bedrijven onderling vergelijkbaar worden indien iedereen dezelfde wijze van rapportage hanteert.

GRI schrijft voor op welke aspecten wordt gerapporteerd en hoe een rapportage opgebouwd wordt. Te behandelen onderwerpen zijn onder andere het organisatieprofiel, verslagparameters, bestuur, verplichtingen en betrokkenheid, economische prestaties,  milieuprestatie-indicatoren, arbeidsomstandigheden-indicatoren en indicatoren op het gebied van mensenrechten, maatschappij en productverantwoordelijkheid.

Gelukkig hoeft het wiel niet opnieuw uitgevonden te worden. Eigenlijk alle rapporten omtrent Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen worden opgesteld aan de hand van de Global Reporting Initiative-criteria (GRI-criteria). De GRI-criteria zijn opgesteld om het mogelijk te maken organisaties onderling te vergelijken op MVO gebied. Niet alleen wordt toegelicht hoe gerapporteerd dient te worden, ook de onderwerpen worden toegelicht. Dit biedt de nodige handvatten qua verantwoording. GRI kadert het aantal onderwerpen af tot ongeveer 80 stuks.

Bepaal de stakeholders

Dat laat nog steeds een zeer brede scope achter. Organisaties dienen zich te realiseren dat zij dit verder kunnen en moeten afkaderen. Belangrijk in het afkaderen is het bepalen van de wensen van de stakeholders van de organisatie. Door direct in contact te treden met de maatschappij bepalen organisaties waarop de focus aan MVO activiteiten en bijbehorende verantwoording komt te liggen.

Uitdaging is het bepalen van de stakeholders van de organisatie en het in contact treden met deze stakeholders. Denk bij stakeholders aan aandeelhouders, medewerkers, leveranciers, klanten, omwonenden, etc. De uitkomst van het contact met al deze stakeholders resulteert voor elk bedrijf in andere aandachtspunten.

MVO leren

Als we het zo plat slaan klinkt MVO opeens een stuk gemakkelijker. Toch blijft het voor veel organisaties moeilijk om handen en voeten te geven aan het implementeren van MVO binnen de organisatie (de door Maslow voorspelde moeilijke overstap van fase 2 naar fase 3). De onbekendheid met het zich eigen maken van de relevante kennis en vaardigheden zorgt voor extra onzekerheid. Hier ligt een belangrijke rol voor de directie weggelegd en dient zij het voortouw te nemen door bijvoorbeeld de benodigde kennis in te huren.

Het belangrijkste knelpunt

Een belangrijk knelpunt is de bevlogenheid en/of het urgentiebesef op directieniveau. Met name het in contact treden met stakeholders en het rapporteren (het daadwerkelijke verantwoorden) moet minimaal op dat niveau gedragen worden. Top down implementatie van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen is aan te bevelen. Bottom up dit proberen door te voeren heeft weinig tot geen kans van slagen.

Hoe te beginnen met MVO?

Beginnen met MVO is zeer gericht aan te pakken. Samen met de stakeholders wordt bepaald welke GRI criteria op korte termijn de meeste aandacht verdient. Voor elk GRI criterium dat prioriteit krijgt bepaal je de doelstellingen voor het komende jaar en de jaren daarop. Let erop dat deze doelstellingen SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdsgebonden) zijn. Daarna moet de focus liggen op het inrichten van een Deming cycle (beter bekend als Plan, Do, Check, Act), waarbij een jaarlijkse rapportage over de activiteiten een goede aanleiding is voor het check moment.