Toelichting antwoorden kennistest

  1. Het invoeren van wetten is vastgelegd in ‘beleid ten aanzien van Vaste Verandermomenten’. Hierin is bepaald dat wetten op 1 januari of 1 juli van een jaar worden ingevoerd. Waarom wordt bij de invoering van de Aanbestedingswet 2012 hiervan afgeweken en is deze toch op 1 april 2013 inwerking getreden?
    Correct antwoord: B. Ondernemers zijn gebaat bij een spoedige invoering van de wet vanwege lastenreductie en betere toegang van ondernemers tot de markt van overheidsopdrachten.
    Toelichting: Een van de gronden op basis waarvan van dit beleid mag worden afgeweken, is indien er hoge private of publieke voordelen van vervroeging van invoering zijn. Dit is het geval bij de Aanbestedingswet 2012, aldus de minister. Ondernemers zijn gebaat bij spoedige inwerkingtreding, omdat de wet tot een grote lastenreductie leidt en voor betere toegang van ondernemers tot overheidsopdrachten zorgt. Deze overweging is opgenomen in de nota van toelichting bij het Besluit houdende vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de Aanbestedingswet 2012.
  2. In de Aanbestedingswet worden termijnen gehanteerd die dwingend zijn voorgeschreven en waar niet van mag worden afgeweken. Is dit correct?
    Correct antwoord: B. Nee, de genoemde termijnen betreffen minimumtermijnen en per aanbesteding zal middels maatwerk gekeken moeten worden of deze termijn proportioneel en reëel zijn voor de te ondernemen acties.
    Toelichting: Voorschrift 3.6 van de GP: De aanbestedende dienst overweegt een langere termijn te hanteren dan de minimumtermijnen.
  3. Wat is de officiële naam van de nieuwe wetgeving?
    Correct antwoord: B. Aanbestedingswet 2012.
    Toelichting: Aanbestedingswet 2012, zie artikel 4.41. Het gaat om het jaartal van het Staatsblad waarin de Aanbestedingswet is geplaatst.
  4. Een bedrijf als ProRail is verplicht de Gids Proportionaliteit te hanteren.
    Correct antwoord: C. Niet correct, ProRail is een speciaal sectorbedrijf.
    Toelichting: De Gids Proportionaliteit geldt niet voor speciale sectorbedrijven. Echter, in Staatscourant 2013, nr 8127, dd 22 maart 2013 heeft de minister van EZ wel een mededeling geplaatst om speciale sectorbedrijven op te roepen de Gids Proportionaliteit wel te hanteren, omdat dit een nuttig instrument is.
  5. De nieuwe Gedragsverklaring Aanbesteden (GVA) die winnende inschrijvers op verzoek van de aanbestedende dienst moeten overleggen, kost logischerwijs veel minder dan de Verklaring omtrent het Gedrag Rechtspersonen.
    Correct antwoord: B. Niet correct.
    Toelichting: De Regeling vergoeding verklaring omtrent het gedrag en gedragsverklaring aanbesteden is op 29 maart jl. in de Staatscourant gepubliceerd. De Regeling zelf is op 28 maart jl. door de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, Fred Teeven, vastgesteld en treedt in werking per 1 april 2013. De vergoeding die een aanvrager is verschuldigd voor de aanvraag van de betreffende verklaring is vastgesteld op € 147,50. De vergoeding bedraagt hiermee evenveel als de vergoeding die tot 1 april 2013 betaald moest worden voor de verklaring omtrent gedrag voor rechtspersonen.

    De regeling van 28 maart 2013 is een voortvloeisel uit artikel 9 lid 1 van het Aanbestedingsbesluit, waarin is bepaald dat de Minister van Veiligheid en Justitie de vergoeding vaststelt voor de behandeling van een aanvraag om de afgifte van een gedragsverklaring aanbesteden.

  6. De aanvraag voor een Gedragsverklaring Aanbesteden (GVA) wordt niet meer bij bureau COVOG, onderdeel van DienstJustis/ministerie van Veiligheid en Justitie ingediend, aangezien COVOG alleen Verklaringen omtrent het Gedrag afgeeft.
    Correct antwoord: B. Niet correct.
    Toelichting: GVA wordt ook bij COVOG aangevraagd. Zie voor het aanvraagformulier: www.justis.nl.
  7. De nieuwe bepaling dat maatschappelijke waarde gecreëerd moet worden geldt alleen bij opdrachten boven de drempel.
    Correct antwoord: B. Nee.
    Toelichting: Geldt zowel boven als onder de drempel. Artikel  1.4 AW.
  8. Met de Eigen Verklaring, een door de minister van Economische Zaken vastgesteld model, vraagt de aanbestedende dienst geen bewijsmiddelen meer bij inschrijving.
    Correct antwoord: B. Klopt niet.
    Toelichting: Onder meer kan er ten aanzien van referentieopdrachten nog bewijsmiddelen worden opgevraagd. Artikel 2.85 lid 3 en 2.93 AW.

 

Wilt u meer weten over de Aanbestedingswet 2012? Bekijk ons dossier.